RubenVis

Ruben Vis

De meest concrete en robuuste manifestatie van levend jodendom

Dit najaar is het twee keer Israëlzondag. Allereerst natuurlijk de Israëlzondag in de Protestantse kerken op de eerste zondag in oktober. Een ruime maand later staat Israël opnieuw op de agenda, als de synode van de Protestantse Kerk zich buigt over actualisering van de nota Het Israëlisch-Palestijns conflict in de context van de Arabische wereld van het Midden-Oosten uit 2008. De Israëlzondag staat dit jaar in het teken van zelfreflectie: hoe spreken wij over Joden? Die zelfreflectie staat ook in de nota en in het te bespreken addendum centraal.

Ruben Vis

Uitgangspunt voor de Protestantse Kerk Nederland is de kerkordelijke opgave van de onopgeefbare verbondenheid van de kerk met het volk Israël en het zoeken van het gesprek met Israël inzake het verstaan van de Heilige Schrift, in het bijzonder betreffende de komst van het Koninkrijk van God. Sinds 75 jaar is er nog een Israël, de staat Israël, gevestigd in het gebied van het land Israël. Verwarrend? Geenszins. Want het volk, het land en de staat zijn ten nauwste met elkaar verbonden.

De staat Israël is de meest concrete en meest robuuste manifestatie van levend jodendom. Een eigen staat is het meest sterke dat een groep, een volk, kan hebben. Dit gegeven, soevereiniteit en staatsmacht, verhield zich niet met eeuwige verdoemenis. Niet alleen zijn de joden met hun joodse geloof niet van de aardbodem verdwenen, ze zijn zelfs teruggekeerd naar soevereiniteit in het Heilige Land, het land Israël, hebben er een joods karakter aan gegeven, het land dat de joden groen maakten en dat is uitgegroeid tot een regionale supermacht. ‘Jeruzalem ligt diep verneerd’, schreef de dichter A.C.W. Staring in 1820. Nu bloeit het land, bruisen Israëls steden Jeruzalem en Tel Aviv, als in geen andere tijd sinds het begin van de ballingschap van de joden twee millennia geleden. Dit kan geen levend voorbeeld zijn van goddelijke verdoemenis en van de tot eeuwig dolen gestrafte jood. De omgang met de meest concrete en meest robuuste manifestatie van levend jodendom behoort tot de grootste uitdagingen waarmee het christendom in het algemeen en het protestantisme in het bijzonder zich geconfronteerd weet.

Voor kerkelijk anti-judaïsme is de observatie in de plaats gekomen dat ‘de kerk te lang Israël objectiverend en theologiserend heeft gedefinieerd – en meestal onjuist met ernstige gevolgen voor dit volk’. Dat schreven dr. Andre Drost, ds. Bart Gijsbertse en dr. Henk Vreekamp in de PKN-nota Het Israëlisch-Palestijns conflict in de context van de Arabische wereld van het Midden-Oosten. (De door hen geschreven paragraaf 4.3 die handelt over de relatie van de Protestantse Kerk tot het volk Israël, lijkt qua toon en teneur bijna los te staan van de rest van de nota.) Hun woorden zijn een uiting van een veranderd inzicht dat helemaal past in deze tijd waarin het zichzelf-zijn en het zelf bepalen van ieders eigen identiteit de norm is. Een tijdperk waarin de woorden van Paulus ‘Wie ben jij dat je een oordeel velt over je broeder en zuster’ (Rom. 14:10) gemeengoed zijn. Dat zou ook dus moeten gelden als het over Joden en jodendom gaat.

“God schenkt gerechtigheid (NBV: vrijspraak) aan allen die in Jezus Christus geloven” (Rom. 3:22). De joden met hun joodse religie behoorden niet tot het universum van allen die in Jezus Christus geloven. Joden zijn door hun omgeving beschouwd als de ander, de uitgeslotene, en daarmee de uit te bannen. De Verlichting met zijn gelijkheidsideaal heeft de Sjoa niet kunnen voorkomen. Als het gaat om inclusie zijn joden exclusivistisch. Als het gaat om de strijd van zwarten zijn joden wit. Als het gaat om overheden die, in het kader van maatregelen om de COVID-19-epidemie te beheersen, vrijheden beperken, behoren de joden tot de vrijheidsbeperkers. Als het World Economic Forum ervan wordt beticht wereldheerschappij na te streven is WEF-baas Schwab joods. Als er gedemonstreerd wordt tegen vrouwenonderdrukking mag een Palestijnse vlag wel worden meegedragen maar een Israëlische vlag niet; hetzelfde geldt voor LHBTIQ-manifestaties. Israël moet zijn bestaansrecht bevechten. Is het niet in militaire of in politieke zin, dan is het wel in verdediging op het juridische, internationaalrechtelijke slagveld. Zolang er elders in de wereld sprake is van geïnstitutionaliseerde othering van joden, blijft het voor joden ingewikkeld om kritiek op Israël te aanvaarden. Ook de kritiek op Israel wordt al gauw onder othering van joden geschaard.

Niettemin, gebleven is het levende, voortgaande jodendom dat is blijven vertrouwen op God waarvan de profeet Jeremia zegt dat wie op God vertrouwt niet op zal houden vruchten voort te brengen (Jer. 17:8).